Een dwarsplank (ook wel scheidings- of tussenplank genoemd, in het Engels breaker board) loopt dwars over de vlonder, haaks op de gewone vlonderplanken. Hij verdeelt een lange baan in kortere stukken. Gebruik er een als de baan langer is dan je langste handelslengte en je liever één bewuste lijn hebt dan verspreide kopse naden. Er is een eigen onderconstructie voor nodig, dus bepaal waar hij komt voordat je de liggers plaatst.
Wat een dwarsplank doet
Bij een vlonder met een baan van 8 m en grenen planken die maximaal 5 m lang zijn, heeft elke rij minstens één naad nodig. Je kunt die naden verspringend over de vlonder verdelen, of ze allemaal op één lijn leggen en die lijn afdekken met een plank in de andere richting. Die plank is de dwarsplank.
Hij lost meerdere problemen tegelijk op:
- Geen zichtbare kopse naden in het vlak. Elke plank eindigt tegen de dwarsplank, dus je ziet één strakke, bewuste lijn in plaats van tientallen naden.
- Kortere planken. Kortere planken werken minder. Bij composiet is dat direct te zien in de voorschriften: ProDeck rekent de kopse voeg uit als 2 mm per meter planklengte en vraagt vanaf 6 m altijd een vrije ruimte van minimaal 15 mm (montage-instructies ProDeck).
- Makkelijker te hanteren en te leveren. Planken van 4 m passen makkelijker door een achterom en in een aanhanger dan planken van 5 m of langer.
- Vormgeving. Een dwarsplank in een contrasterende kleur kan zones afbakenen, aansluiten op een tuindeur of passen bij een omranding.
Wanneer wel, en wanneer niet
Een dwarsplank is meestal zinvol als:
- De baan langer is dan de langste plank die je kunt kopen, bij grenen en douglas vaak 5 m en bij veel composiet 4 m.
- De baan dicht bij een veelvoud van een handige lengte ligt, zoals ongeveer 8 m (twee delen van 4 m) of ongeveer 6 m (twee delen van 3 m).
- Je al een omranding gebruikt en een bijpassende lijn binnenin wilt.
- De vlonder een logisch scheidingspunt heeft, zoals een tuindeur, een niveauverschil of een andere functie.
Je hebt er misschien geen nodig als:
- Eén handelslengte de baan overspant met een beetje over. Eén plank per rij blijft het strakste resultaat.
- De vlonder klein is en één naadlijn in het midden geforceerd zou ogen.
- Je systeem het lastig maakt. Sommige clipsystemen hebben voor plankuiteinden speciale start- en eindclips of een andere bevestiging nodig. Dat is geen verbod, maar wel een reden om de handleiding van je product goed te lezen.
De handleiding over het kiezen van planklengtes vergelijkt een dwarsplank uitgebreider met verspringende naden.
Onderconstructie onder een dwarsplank
De dwarsplank ligt haaks op de vlonderplanken en dus evenwijdig aan de liggers. Daardoor moet de onderconstructie op de lijn van de dwarsplank twee dingen dragen:
- De dwarsplank zelf, over zijn volle lengte en breedte, zodat hij bevestigd kan worden.
- Het uiteinde van elke vlonderplank aan beide kanten, met genoeg hout onder elk uiteinde voor de eigen bevestiging.
Ondersteuning van de plankuiteinden is niet optioneel. ProDeck schrijft voor dat elke kopse kant door een eigen onderbalk wordt ondersteund en met een eigen clip vastzit, en dat je nooit één onderbalk voor twee plankuiteinden gebruikt (montage-instructies ProDeck). Bij hout geldt hetzelfde principe: elk uiteinde krijgt zijn eigen schroeven in massief hout.
Kijk naar de maten en het probleem is duidelijk. Een grenen dwarsplank van 145 mm plus een voeg van 10 mm aan elke kant is 165 mm breed, en de plankuiteinden aan beide kanten hebben daarbuiten nog oplegging nodig. Een gangbare regel van 45 × 70 mm, staand gelegd zoals Gadero adviseert, is maar 45 mm breed. De onderconstructie op de lijn van de dwarsplank moet dus duidelijk breder zijn dan één of twee liggers. Gangbare oplossingen:
- Een ligger aan elke kant van de dwarsplanklijn met massieve klossen ertussen. De plankuiteinden vallen op de liggers en de dwarsplank wordt in de liggers en klossen bevestigd.
- Meerdere liggers naast elkaar, aan elkaar bevestigd en zo verdeeld dat de plankuiteinden op hout met hun eigen bevestiging vallen en geen liggerrand met de dwarsplank delen.
Het precieze detail hangt af van je plankbreedte, bevestigingssysteem en leverancier, dus raadpleeg de montagehandleiding. Teken de onderconstructie van de dwarsplank in je plan zodat de liggerindeling eromheen klopt. De liggers moeten aan beide kanten van de dwarsplank binnen de maximale hart-op-hartafstand blijven: in Nederland meestal 400 mm bij houten planken van 28 mm en bijvoorbeeld 350 mm bij holkamerplanken van 25 mm van ProDeck. Met de calculator voor de onderconstructie tel je de liggers.
Waar plaats je de dwarsplank?
De plaats van een dwarsplank is deels rekenwerk en deels vormgeving.
Begin bij de planklengte
De strakste plaatsing laat elk deel net korter zijn dan een handelslengte, nadat je de halve dwarsplankbreedte, de kopse voeg en eventuele overstek hebt afgetrokken. Zo is elke vlonderplank één stuk met alleen een kleine afkortzaagsnede.
Kijk daarna naar het huis
De dwarsplank is een sterke visuele lijn, dus hij moet er bewust uitzien:
- Centreer hem op een tuindeur, schuifpui of een groot raam.
- Lijn hem uit met een paal, een trapje of een verandering in de balustrade.
- Centreer hem op de vlonder als het huis geen beter aanknopingspunt biedt.
Als de plek die mooi oogt niet samenvalt met de plek die past bij de planklengte, kun je de dwarsplank richting de mooie plek schuiven en aan één kant wat meer zaagverlies accepteren, zolang elk deel nog in een handelslengte past.
Rekenvoorbeeld: een vlonder van 8 × 3 m
Dit voorbeeld gebruikt een baan van 8 m met de planken in de lengte, 3 m breed, geïmpregneerde grenen planken van 28 × 145 mm, een voeg van 10 mm en liggers op 400 mm hart-op-hart. De leverancier heeft planken van 4 m.
Rijen: over 3.000 mm: (3.000 + 10) ÷ 155 = 19,4, dus 20 rijen.
Dwarsplank: in het midden, op 4.000 mm. Dat is precies 10 liggervakken, dus de lijn valt op het liggerraster. De dwarsplank is 145 mm breed met een voeg van 10 mm aan beide kanten.
Elk deel: (8.000 − 145 − 2 × 10) ÷ 2 = 3.917,5 mm, ongeveer 3,92 m. Dat past in een plank van 4 m met zo’n 8 cm over om de uiteinden haaks af te zagen. Steken de vlonderplanken over de rand uit, trek die overstek dan ook af en controleer of er nog ruimte is.
Materiaal volgens de calculator (zonder marge):
| Plan | Planken van 4 m | Gekocht | Verlies | Kopse naden in het vlak |
|---|---|---|---|---|
| Zonder dwarsplank | 50 | 200 m | 20% | 30 |
| Met dwarsplank | 41 | 164 m | 2,6% | 0 |
Met de standaardmarge van 10% erbij wordt dat 55 tegen 46 planken. Zonder dwarsplank past 8 m namelijk niet in twee planken van 4 m: door zaagsneden, haaks afzagen en naden die op een ligger moeten vallen, krijgt een deel van de rijen een derde stuk en blijven er veel restjes over. Met de dwarsplank krijgt elke rij twee hele planken, en de dwarsplank zelf (3 m) komt uit één extra plank.
Bij composiet is het effect anders, maar nog steeds de moeite waard. Op een vlonder van 7 × 3 m met holkamerplanken van 150 mm, een voeg van 5 mm, liggers op 350 mm en alleen planken van 4 m, heb je zonder dwarsplank 40 planken nodig met 20 kopse naden. Met dwarsplank zijn het er 41, zonder een enkele naad in het vlak. Eén plank extra voor één strakke lijn.
Zeer lange vlonders: twee of meer dwarsplanken
Een baan van 12 m kun je met twee dwarsplanken in drie delen verdelen:
- (12.000 − 2 × 145 − 4 × 10) ÷ 3 = 3.890 mm per deel
- Dat past weer in planken van 4 m
Dwarsplanken op gelijke afstand ogen meestal het best. Heeft het huis duidelijke elementen, zoals twee deuren, dan kun je de dwarsplanken daarop uitlijnen en de lengte van de delen daarop aanpassen, zolang elk deel nog in een handelslengte past.
Tips voor de montage
- Leg de dwarsplank na het vlak of ervoor, maar wees consequent. Veel vakmensen leggen de vlonderplanken te lang, slaan een lijn, zagen alle uiteinden in één keer af met een invalzaag met geleiderail en passen dan de dwarsplank in. Dat geeft een volkomen rechte lijn. Anderen leggen eerst de dwarsplank en laten de planken daar tegenaan lopen.
- Houd de kopse voegen aan. Elke vlonderplank sluit met een kopse naad aan op de dwarsplank. Bij composiet geldt de kopse voeg uit de handleiding bij elke plank; bij ProDeck is dat 2 mm per meter, dus 8 mm bij een plank van 4 m. De handleiding over de voegbreedte tussen vlonderplanken gaat hier dieper op in.
- Gebruik de juiste bevestiging. Verborgen clips kunnen plankuiteinden vaak niet goed vasthouden, dus fabrikanten schrijven daar eigen clips of schroeven voor. Hardhout boor je altijd voor.
- Stem af op de omranding. Heb je een omranding, gebruik dan dezelfde plank en kleur voor de dwarsplank, zodat rand en scheiding één ontwerp vormen. Zie de handleiding over vlonders met omranding.
De vlonderplanken-calculator heeft een optie voor een dwarsplank. Hij legt die op de ligger die het dichtst bij het midden ligt, toetst elk deel aan de handelslengtes die jij invult (standaard 3, 4 en 5 m) en maakt een zaaglijst inclusief de dwarsplank.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een dwarsplank en een kopse naad?
Een kopse naad is de plek waar twee vlonderplanken kop tegen kop op de onderconstructie samenkomen. Die naden laat je meestal verspringen over de vlonder. Een dwarsplank brengt alle uiteinden samen op één lijn en dekt die af met een plank in de andere richting. In beide gevallen moet elk plankuiteinde ondersteund worden.
Vanaf welke lengte heeft een vlonder een dwarsplank nodig?
Daar is geen vaste regel voor. Een dwarsplank wordt nuttig als de baan langer is dan je langst verkrijgbare plank, bij grenen en douglas meestal 5 m en bij veel composiet 4 m. Sommige mensen gebruiken er ook een op kortere vlonders, puur als vormgevingselement.
Heeft een dwarsplank dubbele liggers nodig?
Hij heeft meer ondersteuning nodig dan één ligger kan bieden. Elk plankuiteinde heeft een eigen oplegging nodig en de dwarsplank heeft massief hout eronder nodig. Meestal komen er liggers aan beide kanten van de dwarsplanklijn met klossen ertussen, of meerdere liggers tegen elkaar. Raadpleeg het detail van de leverancier van je vlonderplanken.
Mag een dwarsplank een andere kleur hebben?
Ja. Contrasterende dwarsplanken en randen komen veel voor, vooral bij vlonders met een omranding. Houd er wel rekening mee dat donkere composietplanken in de zon heter worden en meer kunnen werken, dus houd je aan de kopse voegen van de fabrikant.