Naar de inhoud
Free Deck Board
Onderconstructie

Geïmpregneerd vlonderhout: klassen, sortering en schroeven

Gebruiksklasse 3 of 4 volgens NEN-EN 335: wanneer je onderconstructie grondcontacthout nodig heeft, waar je op let bij aankoop en welke schroeven je gebruikt.

Bijgewerkt op · 7 min lezen · Door Free Deck Board Calculator · Zo doen we onderzoek

Geïmpregneerd hout voor een vlonder moet passen bij de blootstelling. Hout in gebruiksklasse 3 (buiten, boven de grond) is geschikt voor vlonderplanken en delen die goed kunnen drogen. Palen, en onderconstructie die de grond raakt, vochtig blijft of lastig te vervangen is, horen in gebruiksklasse 4 (grondcontact). Die klassen komen uit de Europese norm NEN-EN 335. Koop hout met een duidelijke vermelding van de gebruiksklasse en een keurmerk, en bevestig het met roestvaststalen (rvs) schroeven.

Deze handleiding legt uit wat die klassen betekenen, waar op een vlonder elke klasse thuishoort, waar je op let bij het uitzoeken en welke bevestigingsmiddelen bij geïmpregneerd hout horen.

Wat “geïmpregneerd” betekent

Geïmpregneerd vlonderhout is meestal grenen of vuren, naaldhout dat van nature niet erg duurzaam is buiten. Het wordt in een drukvat eerst vacuüm gezogen, waarna het beschermingsmiddel onder druk diep in het hout wordt geperst (Vinuovo: impregneren onder druk). Dat middel beschermt tegen schimmels die hout laten rotten en tegen insecten.

De bekende groene kleur komt van het koper in de moderne, chroomvrije middelen. Groene vlekken en strepen vervagen na verloop van tijd, en uiteindelijk vergrijst het hout in de zon. Er is ook bruin geïmpregneerd hout, waarbij een kleurstof is toegevoegd. Pas geleverd geïmpregneerd hout is vaak nat en zwaar, soms met witte of zwarte vlekjes. Dat is geen schimmel maar zoutuitslag, die na het drogen verdwijnt.

Je hoeft zelf geen middel te kiezen. Wat op een vlonder telt, is voor welke gebruiksklasse het hout is behandeld. Volgens Vinuovo haalt goedkoop hout die klasse soms niet, omdat het middel alleen in de buitenste laag is doorgedrongen. Kies daarom een leverancier die de gebruiksklasse vermeldt.

Waar je op let bij aankoop

Er bestaat in Nederland geen verplicht stempel op elke vlonderplank zoals het Amerikaanse label op het uiteinde. Let bij het kopen op:

  • De gebruiksklasse. Een goede leverancier vermeldt of het hout geschikt is voor gebruiksklasse 3 of 4, vaak ook als UC3 of UC4.
  • Een keurmerk. Kijk op het hout of de verpakking naar een KOMO-keur of een CE-markering die de kwaliteit van de behandeling aantoont (Houthandel Jan Sok: behandeld hout en grondcontact).
  • Voor constructiehout: de sterkteklasse. Balken die moeten dragen, worden in Nederland meestal gesorteerd in sterkteklasse C18 of C24, met een CE-stempel op het uiteinde (Centrop Houtimport: C18 of C24). C24 is sterker dan C18. Voor de regels van 45 × 70 mm onder een lage tuinvlonder is dat minder kritisch dan voor een verhoogde vlonder met langere overspanningen; vraag bij grote overspanningen een constructeur.

Gebruiksklasse 3 of 4: wat hoort waar

De gebruiksklassen volgens NEN-EN 335 die voor vlonders tellen (Veteka: gebruiksklassen van hout):

KlasseOmschrijvingGebruikelijke toepassing op een vlonder
3Buiten, boven de grond, blootgesteld aan weerVlonderplanken, traptreden, balustrades, liggers en balken met goede ventilatie en ruimte tot de grond
4Buiten, in contact met grond, continu vochtigPalen in de grond, onderconstructie op of vlak boven de grond of op vochtige plekken, delen die lastig te vervangen zijn
5Buiten, in direct contact met water, ook zout waterSteigers en palen in sloot, vijver of zee

Klassen 1 en 2 gelden voor binnen en zijn voor een vlonder niet van belang. Voor grondcontact is minimaal gebruiksklasse 4 nodig; geschikte keuzes zijn geïmpregneerd grenen in klasse 4 of hardhout zoals azobé of basralocus. Goed geïmpregneerd hout in klasse 4 gaat in de grond gemiddeld 15 tot 25 jaar mee, afhankelijk van grondsoort, vocht en belasting (Houthandel Jan Sok).

Ter vergelijking: Amerikaanse gidsen gebruiken de AWPA-klassen UC3B en UC4A. Die komen ruwweg overeen met klasse 3 en 4 hier, maar het systeem en de etiketten zijn anders.

Wanneer klasse 3 niet genoeg is

Hout dat fysiek boven de grond zit, gedraagt zich soms toch als hout in grondcontact. Kies klasse 4 voor de onderconstructie als:

  • De liggers op of vlak boven de grond liggen, zoals bij een lage vlonder vlak boven het maaiveld.
  • Er weinig ventilatie is onder de vlonder, bijvoorbeeld door een dichte plint, plantenbakken of een vlonder tussen muren.
  • Blad, aarde of ander vuil zich waarschijnlijk ophoopt tegen het hout.
  • De vlonder vaak nat wordt, in de schaduw ligt of aan het water staat.
  • De onderdelen lastig te vervangen zijn zodra de planken erop liggen, wat bij liggers en draagbalken bijna altijd zo is.

Gadero legt het worteldoek ongeveer 10 cm onder de liggers en noemt ongeveer 20 cm vrije ruimte onder de constructie voor ventilatie. Haal je die ruimte niet, of twijfel je, dan is klasse 4 voor de hele onderconstructie de veilige keuze. De meerprijs is klein vergeleken met het opnieuw bouwen van een onderconstructie.

Zaagsneden op de bouwplaats

De impregnatie bereikt niet altijd de kern van een plank, vooral bij dikkere balken. Elke zaagsnede, inkeping en elk geboord gat legt hout bloot dat mogelijk onbehandeld is. Smeer verse zaagvlakken daarom royaal in met een kopse-kantsealer of impregneerverf, zeker voordat hout de grond in gaat (Houthandel Jan Sok). Dat is vooral belangrijk bij de onderkant van palen en de uiteinden van liggers.

Planken en balken uitzoeken

Voor vlonderplanken telt het uiterlijk meer dan de sterkteklasse. Geïmpregneerde grenen vlonderplanken zijn in Nederland meestal 28 × 145 mm en liggen in lengtes van 3, 4 en 5 m (NuBuiten), vaak geprofileerd met groeven aan één kant.

Als je planken uit een stapel uitzoekt:

  • Kijk langs elke plank. Keur sterk kromme of getordeerde planken af, of gebruik ze voor korte stukken.
  • Vermijd grote losse kwasten bij de randen van liggers en midden in vlonderplanken.
  • Controleer het vocht. Het meeste geïmpregneerde hout wordt nat verkocht en krimpt tijdens het drogen in breedte en dikte. Gadero adviseert bij natte planken een voeg van 8 tot 10 mm en bij droge planken tot 15 mm. Zie de handleiding over de voegbreedte.
  • Leg de liggers met de bolling dezelfde kant op, bolling naar boven.

Bevestigingsmiddelen en verbindingen

Hout dat buiten nat wordt, en zeker hout met een koperhoudend beschermingsmiddel, vraagt bevestigingsmiddelen die niet roesten.

  • Vlonderschroeven: rvs A2 is voor permanent buitenwerk het minimum; aan de kust of bij zilte lucht kies je rvs A4 (Tuinkeuzehulp: rvs of verzinkt). Gadero gebruikt Torx-vlonderschroeven van 5 × 50 mm, twee per plank per ligger.
  • Voorboren: bij geïmpregneerd grenen meestal niet, zodat de schroef goed grijpt; bij hardhout wel. Bij plankuiteinden voorkomt voorboren dat het hout splijt.
  • Balkdragers, hoekankers en paalvoeten: thermisch verzinkt of rvs, met bijpassende schroeven of bouten. Gadero verbindt palen en liggers met bouten van M8 × 120 mm langs de zijkant van de ligger.
  • Combineer geen metalen. Gebruik nooit rvs en verzinkt staal door elkaar in dezelfde verbinding; dat geeft galvanische corrosie.

De calculator voor vlonderschroeven schat hoeveel schroeven je nodig hebt voor de planken.

Geïmpregneerd hout bestellen

Een logische volgorde voor een gewone tuinvlonder:

  1. Palen: gebruiksklasse 4, of gepunte hardhouten palen van 6 × 6 × 100 cm zoals Gadero ze gebruikt.
  2. Draagbalken en liggers: gebruiksklasse 4 als een van de voorwaarden hierboven geldt, anders minstens klasse 3. Bij een lage vlonder zijn dat vaak regels van 45 × 70 mm, staand gelegd. De calculator voor de onderconstructie telt liggers en balken, en de handleiding over de liggerafstand legt de keuzes uit.
  3. Vlonderplanken en traptreden: gebruiksklasse 3 is voldoende.
  4. Beslag en schroeven: rvs of thermisch verzinkt, niet door elkaar.

De houtcalculator zet een zaaglijst om in aantallen planken per lengte. Neem een paar planken extra voor afgekeurde stukken en zaagfouten. Deze site geeft algemene informatie, geen constructief advies; bij een verhoogde vlonder of twijfel overleg je met je leverancier of een constructeur.

Veelgestelde vragen

Mag ik hout in gebruiksklasse 3 gebruiken voor de liggers van mijn vlonder?

Als de liggers goed geventileerd zijn, ruim boven de grond liggen en snel kunnen drogen, is klasse 3 de bedoelde toepassing. Maar liggen ze op of vlak boven de grond, blijft er vuil tegen liggen of is de ruimte eronder slecht geventileerd, dan gedragen ze zich als hout in grondcontact. Omdat liggers lastig te vervangen zijn, is klasse 4 dan de veiligere keuze.

Moet ik de zaagsneden van geïmpregneerd hout behandelen?

Ja. Het beschermingsmiddel bereikt misschien de kern van de plank niet, dus zaagsneden en gaten leggen minder beschermd hout bloot. Smeer ze in met een kopse-kantsealer of impregneerverf. Besteed de meeste aandacht aan de onderkant van palen en elk uiteinde dat vochtig blijft.

Zijn rvs-schroeven verplicht bij geïmpregneerd hout?

Er is geen wettelijke eis, maar voor een vlonder die permanent buiten staat is rvs A2 de gangbare keuze, en aan de kust rvs A4. Thermisch verzinkt beslag kan ook, zolang je het niet combineert met rvs in dezelfde verbinding. Gewone, elektrolytisch verzinkte binnenschroeven roesten buiten snel.

Waarom is mijn nieuwe geïmpregneerde hout zo nat en zwaar?

Geïmpregneerd hout wordt vaak kort na de behandeling geleverd, terwijl het nog vocht van het proces bevat. Het krimpt tijdens het drogen in de weken of maanden daarna. Laat nat hout drogen voordat je het beitst; Jotun noemt één tot twee maanden. De handleiding een vlonder beitsen legt uit hoe je ziet wanneer het klaar is.